Nieuws

‘Foorbij Nij Altoenae’: Fotoboek over het Bildt van Amsterdammer Rob Severein

‘Foorbij Nij Altoenae’: Fotoboek Rob Severein

Door de redactie van de Bildtse Post

Als klein Amsterdams jochie maakte Rob Severein – op de achterbank, met zijn ouders – geregeld de lange tocht naar het Noorden. Daar, aan de Nieuwebildtdijk, woonden ‘Opa en Oma Friesland’. Severein bleef ook toen hij ouder werd naar het Bildt komen, zelfs toen Opa en Oma er niet meer woonden. Het werd een tweede thuis. Zijn liefde voor het Bildt is nu vastgelegd in ‘Foorbij Nij Altoenae’, een bijzonder fotoboek van de reclamemaker en fotograaf, dat dit najaar verschijnt.

Rob Severein

De liefdevolle blik van de buitenstaander

Door Gerard de Jong -  “Ik ben een echt stadskind, opgegroeid in de Pijp in Amsterdam. ‘Ik ben niet geboren maar kom van onder het asfalt gekropen’, zeg ik wel eens. Zo voelde het ook wel. Ik was 4 jaar toen ik voor het eerst op het Bildt kwam, achterin de auto van papa en mama. Aan de Nieuwebildtdijk woonden ‘Opa en Oma Friesland’, zoals wij ze vroeger noemden.

Mijn opa, Tjerk Severein, was een echte Fries, uit Almenum bij Harlingen. In Bussum leerde hij zijn vrouw Elisabeth – Bep - kennen, mijn oma. Opa was melkboer in Amsterdam Oud-West, aan de Kostverloren Kade. Hij had daar ook zijn winkel. Nadat hij een beroerte kreeg kon hij niet meer werken. En Amsterdam was duur. In 1968 besloot opa daarom een huisje te huren aan de Nieuwebildtdijk. Dat leek op Almenum, hij voelde zich er thuis, was op z’n plek. Oma heeft er nooit over geklaagd, ze volgde hem met liefde.

‘Nou, daar gaat mijn project!’ - Zelf bleef ik in Amsterdam. Ik heb dertig jaar in de reclame gewerkt, als art-director en ontwerper. Ik heb mijn eigen reclamebureau gehad, en ik ben daar wel boven komen drijven. Het is me goed gegaan. Maar na 25 jaar had ik alles wel gezien. Ik had dertig man personeel, waar ik gek op was, maar ik was uiteindelijk meer manager dan ontwerper. Ik maakte zelf niets meer. Toen heb ik mijn aandelen verkocht en ben ik eruit gestapt. Ik wilde de wereld verkennen. Communicatie vond ik nog steeds erg leuk, dus ben ik als freelancer begonnen, voor mezelf. Dat doe ik nu nog steeds.

Met de opkomst van digitale fotografie ben ik ook ‘ingestapt’. In 2018 besloot ik een cursus fotoboek maken te doen. Daarmee werd tegelijkertijd besloten dat ik dit boek zou maken, over het Bildt. Ik weet het nog heel goed: ik had net de eerste les gehad, ik kwam ’s avonds thuis, vertelde mijn vrouw hoe leuk het was. En ik keek nog even op facebook, gewoon even scrollen.
En toen stond onder ‘mensen die je misschien kent’ Baukje Pietje Venema. Ik zag foto’s van St.-Jacobiparochie. ‘Dat kan handig zijn voor mijn netwerk’, dacht ik. Dus ik klikte verder, en toen zag ik haar ‘Mooie Plaatsys’-boek, dat ze maakte met Gitte Brugman. ‘Nou’, dacht ik, ‘daar gaat mijn project!’

De moed zakte me even in de schoenen. Er was dus al een fotoboek over het Bildt, een hele mooie zelfs. Dan kwam ik ook nog eens aanzetten met een fotoboek… Ik heb Baukje een vriendschapsverzoek gestuurd en we hebben afgesproken een kop koffie te drinken. Dat was echt superleuk, inspirerend ook. Baukje zei: “Natuurlijk moet je dit boek maken! Het is jouw boek, met jouw invalshoek en eigen kijk op het Bildt. Maar dan wil ik wel het eerste exemplaar!” Nou, die krijgt ze!

‘Bildtse winter is het mooist’- De titel ‘Foorbij Nij Altoenae’ refereert aan mijn herinnering van het rijden naar opa en oma. Voor mij was het een nieuwe wereld. Je rijdt eerst naar St.-Annaparochie en denkt, dit is het wel zo’n beetje. Maar dan komt Nij Altoenae nog, en dan blijkt dat je daarna nóg een stukje verder kunt, richting de Nieuwebildtdijk. En dan ben je aan het einde van Nederland.

In de zomer wordt hier gefietst en gerecreëerd, maar ik vind de winter op het Bildt het mooist. Nu woon ik er niet natuurlijk, ik kom en ga weer, en dat is een verschil, maar toch. De mist over het land, de zwarte klei. Ik heb eens een hele dag over het Bildt gefietst, dan zie je weer hele andere dingen. Het motregende, ik was kletsnat, echt helemaal doorweekt, maar wat was dat mooi.

‘Gelukkig in het schuurtje’ - Ook toen ik ouder werd bleef ik geregeld terugkomen. Oma kreeg eind jaren ’90 de eerste verschijnselen van dementie. Het werd een onhoudbare situatie voor ze, om samen aan de Nieuwebildtdijk te blijven wonen. Als familie hebben we ze overgehaald terug te gaan naar het westen, waar wij beter voor ze konden zorgen, vaker op bezoek konden komen. Dat werd uiteindelijk Almere. Oma was blij, maar opa vond het niet zo leuk. Van een dijkhuisje naar een nieuwbouwwijk in Almere, dat was een erg grote stap.

De laatste vijf jaar in Almere ben ik zowat elk weekend bij ze geweest. Eerst bij beide, later alleen bij opa, toen oma was overleden. Op een keer raakte opa in het ziekenhuis. Opa, die gekke, zwijgzame Fries, die hele grote man, begon plotseling te praten. Te vertellen, over vroeger. Voor het eerst eigenlijk. En hij begon dingen te vragen. Dat vond ik heel bijzonder. Hij vertelde over hoe hij altijd aan het knutselen was en dingen maakte, in de schuur achter het dijkhuisje. Daar was hij het gelukkigst. Hij heeft voor de VEG op Ouwe-Syl nog wel dingen vervaardigd geloof ik.

‘Lange spatiebalk’ - Ook na het overlijden van opa ben ik hier regelmatig terug geweest. Het Bildt was altijd van opa en oma, maar het voelt nu ook wel een beetje van mij. Baukje zei: “Er is een verschil tussen waar je vandaan komt en waar je je thuis voelt.” Nu voel ik me zeker nog Amsterdammer, maar dit is wel een beetje mijn tweede thuis.

Naar het Bildt rijden is een mooi ritueel. Vanuit de Randstad wordt het na Hoorn stil. Ik zie de Afsluitdijk als een lange spatiebalk tussen het westen en hier. Een rustpunt, een adempauze. De radio gaat dan ook altijd uit.

‘Klei in het papier’ - Het fotoboek is klaar. Naast mijn foto’s wilde ik dat de vormgeving ook aan het Bildt zou refereren. Eigenlijk wilde ik papier met daarin klei verwerkt. Dat heb ik uitgezocht: het kon, maar dat was echt veel te duur. Ik heb er wat anders op gevonden. We gebruiken nu ‘Fedrigoni Materica Clay’-papier. Als het goed is kun je de klei dan toch op het papier voelen. En de voorkant wordt een preeg, een hoogteverschil of reliëf, zodat je het land kunt voelen. Daar word ik echt helemaal blij van!

Die titel, ‘Foorbij Nij Altoenae’, dat was nog wel een ding ja! Het boek heette eerst ‘Foarby Nij Altoenae’. Zo heeft het eind vorig jaar ook aangekondigd gestaan in NRC. Klaas Dankert nam contact met me op voor een gesprek in zijn radioprogramma ‘Even Bildts’. ‘Waarom is die titel nou in het Fries?’ vroeg hij zich vertwijfeld af. Weet je wat…
Ik had daar eigenlijk nooit bij stilgestaan! Voor mij was het vroeger altijd ‘Opa en Oma Friesland’, niet het Bildt. Maar ik heb er even over nagedacht en gezegd: je hebt helemaal gelijk Klaas, ik ga het aanpassen. Man, daar ben ik wel een hele dag mee bezig geweest! Tot in de metadata van de foto’s heb ik ‘Foarby’ veranderd in ‘Foorbij’. Maar ik ben blij dat ik het gedaan heb, en heb inmiddels veel gelezen over de geschiedenis van het Bildt en de Bildtse taal.

‘Oma zou trots zijn’ - Het boek zou eigenlijk gepresenteerd worden op 9 juni jl. Dan zou Elisabeth, mijn oma, 100 jaar geworden zijn. Dat leek me een mooi eerbetoon. Door de corona-uitbraak is dat niet gelukt, alles liep vertraging op. Er komt ook nog een crowdfundingcampagne om het boek deels te financieren, maar dat het er komt is zeker!

De nieuwe presentatiedatum is 10 oktober. 10-10-2020. Symbolisch heeft dat niet zoveel waarde als het oorspronkelijke plan, maar dat zou Bep wel begrepen hebben. En ze zou trots zijn dat ik in de Bildtse Post sta! Die lag altijd bij hen op tafel, aan de Nieuwebildtdijk.

Ik denk dat het boek de Bilkerts zal aanspreken, maar ik vind het net zo belangrijk dat mensen van buiten het Bildt het mooi vinden. Om hen ook te laten zien hoe mooi en bijzonder het hier is. Ik blijf een buitenstaander, en met die blik kijk ik naar het Bildt, en dat is ook goed. ‘Foorbij Nij Altoenae’ gaat niet over Bilkerts, maar over het gevoel dat ik al die jaren bij het Bildt heb. En dat is aardig goed gelukt denk ik.”

‘Foorbij Nij Altoenae’ verschijnt in het najaar van 2020. Kijk voor meer informatie of om het boek te bestellen op: www.robseverein.com/

 

Buienradar.nl


Laatste columns



Buienradar.nl