Nieuws

Het Bildt in de wurggreep van de Duitsers

Door de redactie van de Bildtse Post

De oorlog tussen 1940 en 1945 is ook op 't Bildt een ingrijpende periode vol spanning en onmacht. Zeker als de maatregelen van de Duitsers toenemen en de sfeer grimmiger wordt. Deze hele maand verschijnt in de Bildtse Post elke week een verhaal van Ellen Schat, die Bilkerts interviewde over (hun herinneringen aan) de oorlog. Vandaag eerst een overzichtsverhaal, over wat er in de oorlogsjaren op het Bildt gebeurde.

Door Ellen Schat -  De bezetting op 't Bildt begint als de Duitsers zich op 11 mei laten gelden op het gemeentehuis en vervolgens de Vlaswiek, het tehuis voor ouden van dagen aan de Westerdijk vorderen. Vanuit hun uitvalsbasis fietsen de soldaten elke dag met hun geweer op het schouder rond door de omgeving, speurend naar onraad.
Op Ouwe-Syl komen de Duitsers vanuit standplaats Marrum. Tijdens razzia's komen overvalwagens met soldaten uit Leeuwarden. Als er iemand op 't Bildt wordt opgepakt, komt hij eerst meestal in een cel in de marechausseekazerne aan de Middelweg-West terecht.

Alles wat riekt naar verzet of vaderlandsliefde, wordt keihard aangepakt. Als dokter Elgersma uit Ouwe-Syl bijvoorbeeld op Koninginnedag 1941 een oranje strikje om een bloempot voor het raam zet, komt hem dat duur te staan. Hij wordt opgepakt en naar Leeuwarden gebracht, tot consternatie van de Sylsters.

Bunkers en bommen - De Duitsers zijn duidelijk van plan te blijven. Ze bouwen bunkers bij Zwarte Haan, Westhoek en op het Noorderleeg, voor de kustbewaking. Op het Noorderleeg komt ook een militair oefenterrein. De straatverlichting gaat uit en de huizen moeten verduisterd worden. Buiten is het aardedonker dus, zodat geallieerde vliegtuigen zich niet kunnen oriënteren. De Duitsers controleren streng op verduistering en bonken regelmatig met hun geweren op ramen en deuren als ze iets zien dat niet in orde is.

Overdag en 's nachts ronken de vliegtuigen over 't Bildt. In de nacht van 29 september 1941 komen zeven brisantbommen neer tussen de Oude- en Nieuwebildtdijk, waarvan twee niet zijn ontploft. De geallieerden vliegen vaak in grote formaties richting het Noorden van Duitsland, om daar bommen te gooien. Om de radar van de Duitsers mis te lopen gooien ze stroken van zilverpapier, die Bilkerts in het veld vinden. In 1941 schieten de Duitsers een Engels vliegtuig neer, dat bij Mooie Paal neerstort. Een vliegenier weet met parachute te ontkomen, vier jongemannen sterven en zijn begraven op de begraafplaats bij St.-Jacob.

Bedreigend is ook de aanwezigheid van vliegbasis Fliegerhorst bij Leeuwarden. Bij Froubuurt zijn het afweer-geschut, zoeklichten, bunkers en een schijnvliegveldje duidelijk te zien. Bovendien komen hier ook vaak Engelse en later Amerikaanse vliegtuigen over die bommen gooien of schieten. In februari 1944 is er zo'n zware inslag dat de ruiten tot in St.-Anne uit de sponningen springen.

Paarden en kerkklokken - De Duitsers willen iedereen kunnen identificeren, daarom wordt in heel het land het persoonsbewijs ingevoerd. Voedsel wordt via een distributiesysteem verdeeld, en er is al snel gebrek aan alles. Steeds meer levensmiddelen en later ook kleding en schoeisel gaan 'op de bon'. In tegenstelling tot de Randstad wordt er hier geen honger geleden.
Eind 1944 wordt wel een noodkeuken ingesteld omdat de brandstof op is en mensen dus niet meer kunnen koken. Bij Sloep's jamfabriek worden meer dan duizend porties stamppot of erwtensoep per dag gemaakt. “’t Eten falt niet teugen,” schrijft Arjen Dekker Sebastiana uit St.-Anne in zijn dagboek uit die periode. Jaap Boonstra uit hetzelfde dorp, die in zijn levensverhaal herinneringen aan de oorlog ophaalt, vindt het nergens naar smaken, vooral omdat er geen zout in zit.

Een zware slag voor de Bildtse boeren en loonbedrijven is de vordering van paarden. Het zijn er zoveel dat het uren duurt voordat de lange rij paarden is gekeurd. Ook radio's worden gevorderd, hoewel menigeen er eentje verstopt en stiekem naar Radio Oranje luistert. In 1943 worden de kerkklokken uit de dorpen opgehaald, die in Duitsland tot kanonnen worden omgesmolten.

Dwangarbeid en onderduiken - Een andere gehate en ingrijpende maatregelen is dwangarbeid, die een steeds grotere groep Nederlandse mannen krijgt opgelegd. Honderden vinden onderduikadressen op 't Bildt, anderen moeten zwaar werk in Duitsland doen onder erbarmelijke omstandigheden. Als burgemeester Gerrit Kuperus in september 1944 weigert mensen te leveren voor dwangarbeid op de vliegbasis, steken de Duitsers zijn huis in brand. Hij verschuilt zich aan de Oudebildtdijk en ook ander gemeentepersoneel duikt onder. De druk op onderduikadressen neemt toe.

De Duitsers houden regelmatig klopjachten om onderduikers op te pakken. Ze stormen huis aan huis binnen of gaan gericht op zoek na een tip van een verrader. In november 1944 worden bijvoorbeeld tientallen mannen uit St.-Anne bij een razzia opgepakt, op 9 januari een aantal op de Oudebildtdijk en 16 januari weer 37 in St.-Anne. Ook zijn er tijdens de oorlogsjaren individuele arrestaties, van communisten of mensen die zich verzetten bijvoorbeeld. De gevangenen worden naar werkkampen of concentratiekampen gestuurd. Velen sterven, en als ze terugkomen zijn ze gebroken.

Joden - Vanaf 1942 hangen bordjes met Voor joden verboden bij cafés en andere openbare gelegenheden op ‘t Bildt. Er wonen (zover bekend) bijna geen joden op het Bildt, maar er komen in de oorlogsjaren wel een aantal joodse kinderen naar het Bildt, die vaak onder een andere identiteit gewoon meedoen met het werk op de boerderij.
Zo woont de joodse Isaäc Lipschits onder de naam Cornelis de Boer op de boerderij van de familie Balt aan de Oudebildtdijk tegenover café de Oosthoek. Bij boer Lont woont een Joodse jongen die Andries wordt genoemd. Ook bij de familie Beimers aan de Zuiderdijk en aan de Westerdijk overleven joden de oorlog.

Verzet - De meeste Bilkerts zijn anti-Duits en proberen de oorlog zo goed mogelijk door te komen. Ze bewegen mee als het moet maar traineren of saboteren als het kan. Enkele tientallen tot honderd Bilkerts zijn lid van de NSB of sympathiseren met de Nederlandse nazipartij.
Hun kinderen zijn lid van de Jeugdstorm en paraderen in mooie pakjes op de sportvelden. Aan handel drijven met de Duitsers valt meestal moeilijk te ontkomen, maar sommigen handelen graag en uit overtuiging en dat zet soms kwaad bloed. Zo worden in augustus 1944 op Ouwe-Syl dorsmachines in brand gestoken van boeren die onbeperkt aan de bezetter leveren.

Een spectaculaire verzetsactie is de diefstal van het bevolkingsregister uit het gemeentehuis in St.-Anne, door de Knokploeg (KP) Sexbierum op 25-26 september 1943. Daarmee redden ze veel jongemannen van dwangarbeid.
Ook enkele (andere) geboren of opgegroeide Bilkerts of inwoners van Bilkerts doen hier of elders dingen die de moed van de gemiddelde burger ver te boven gaat. Verzetstrijders Jan Kaper en Jacob de Jong bijvoorbeeld. Maar ook Anske Zwalua van de Oudebildtdijk, die als garagehouder een taxi met houtgasgenerator had, helpt het verzet in Meppel met het vervoer van joodse onderduikers en gecrashte geallieerde piloten.

Anske wordt opgepakt nadat hij en zijn maat Eppo Streuer in april 1944 piloten hebben opgehaald en naar Meppel gebracht. Anske's vrouw Japke gaat verhaal halen bij de Duitsers. Eerst in de kazerne in St.-Anne en vervolgens in Meppel, Groningen en Amersfoort waar haar man naartoe wordt gebracht. Steeds wordt ze uitgescholden en weggestuurd. Ze krijgt haar man niet meer te zien.

Bijna twee jaar later krijgt Japke een brief van Koningin Wilhelmina, waarin staat dat aangenomen moet worden dat Anske overleden is in concentratiekamp Neugengamme. De koningin betuigt haar hartelijke deelneming aan Japke en hun kind. De brief eindigt met een boodschap die 75 jaar na de bevrijding nog steeds geldt: “Zijn lijden en sterven zullen door ons allen niet vergeten worden.”

Bronnen:

- Jaap Boonstra, 'het was weer een mooie dag vandaag'

- Andries Bosma en Harrie Dijkstra: Net ferjitte... niet fergete. Menaldumadeel en het Bildt in de jaren 1940-1945.

- Leendert Ferwerda, 't Dagboek van Arjen Dekker Sebastiana. In: Een Uytland gheheten Bil. De geskidenis fan de gemeente 't Bildt.

- Interviews met Jaap Boonstra en Nel Wijma, Hille Kaper en Nel Mennenga-de Jong

Veel volk op de been bij de bevrijding van St.-Annaparochie, zoals hier op het Zuideinde.

Buienradar.nl


Laatste columns



Buienradar.nl